Stel je voor dat er geen Weer was…

Dan zou iedere dag hetzelfde zijn. Je zou opstaan, niet met dat winterdipje omdat het zo koud, donker of regenachtig is en niet met die lente-energie omdat je wakker wordt met een zonnetje en fluitende vogels. Je zou ontbijten, naar je werk gaan. In de file staan of tussen je mede reizigers zitten in het openbaar vervoer, zonder last van zon in je ogen en zonder nat te regenen als je van station of parkeergarage naar je werk loopt.

Papaplufabrikanten zouden weliswaar ten onder gaan.  Maar er zou geen weersoverlast meer zijn, geen strooizout-tekorten, geen vierkante wielen. Wegen zouden minder snel slijten en huizen zouden veel goedkoper te bouwen zijn. We zouden in staat zijn tal van productieprocessen nog verder efficiënt te maken en vliegtuigen zouden minder vaak neer storten….. Ja, zoveel voordelen zouden we ervaren als we geen weer zouden hebben.

Dat we niet meer van het zonnetje kunnen genieten, dat is tot daar aan toe, dat we genoegen zouden moeten nemen met een kleurloze lucht die nooit verandert, oké.

Maar stel je voor dat er geen weer meer was.

Dat je voor de lift staat te wachten, een vaag bekende  collega komt naast je staan en je kunt gewoon geen opmerking maken over het weer? We zouden geen ijsbrekers meer hebben, geen conversatiestarters.  De mens praat nou eenmaal graag over het weer, omdat het weer iets is wat iedereen ervaart en waar iedereen van top tot teen mee bekend is. Het weer is een gedeelde impuls die we allemaal ervaren en die ons dan ook allemaal verbindt.

Niet kunnen praten over het weer zou een dooddoener zijn. We zouden ons in veel situaties ongemakkelijk voelen. We zouden allemaal individuen worden die als een geheel collectief niets meer deelt. En als we minder zouden interacteren zouden we ons eenzaam en uiteindelijk doodongelukkig gaan voelen.

Nee, gelukkig is er niets zo veranderlijk als het weer. Dat regenbuitje op zijn tijd waardoor je zeiknat regent is helemaal niet zo erg, uiteindelijk worden we daar juist gelukkiger van…